De Friese Palingvaart: Een Eeuwenoude Handelsgeest De geschiedenis van de palingaak is onlosmakelijk verbonden met de dorpen Heeg, Gaastmeer en de stad Workum. Wat begon als een lokale visserij, groeide uit tot een internationale handelsonderneming die eeuwenlang het straatbeeld van Londen en de wateren van de Oostzee domineerde.
De Oorsprong en de Tocht naar Londen #
Al in de 14e eeuw (rond 1364) duiken de eerste bewijzen op van handel in Nederlandse paling met Engeland. De enorme groei van Londen terwijl voor een constante vraag naar goedkoop en voedzaam voedsel. Paling werd in die tijd de ‘hotdog’ van de Britse hoofdstad: volksvoedsel dat op elke straathoek werd verkocht.
De Friezen noemen deze handel in de 17e eeuw grotendeels over van de Hollanders en Zeeuwen. Dit kwam door de superieure kwaliteit van de Friese paling en de ontwikkeling van de palingaak . Dit schip was een technisch vernuft voor zijn tijd: het was zeewaardig en uitgerust met een ‘bun’ (een geperforeerd ruim onder de waterlijn), waardoor de paling tijdens de zware tocht over de Noordzee leefde en vers bleef.
De ‘Dutch Mooring’ en Koninklijke Voorrechten #
Een cruciaal onderdeel van de geschiedenis is de mogelijke Dutch Mooring . Dit was een uitgestrekte ligplaats op de Theems, vlakbij de London Bridge en de Billingsgate Fish Market. Volgens de overlevering kregen de Nederlandse vissers dit exclusieve recht van koning Charles II als dank voor hun heldhaftige optreden tijdens de Grote Brand van Londen in 1666, waarbij zij mislukten met blussen.
Een belangrijke voorwaarde voor dit recht was dat de ligplaats nooit onbezet mocht blijven. Daarom verloren de aken elkaar continu af. indeling een schip leegverkocht was, moest er direct een nieuw schip klaarliggen. Dit betekent voor een constante Friese aanwezigheid in het hart van Londen die tot 1938.

De Bloeitijd en de Oostzee #
Aan het einde van de 19e eeuw bereikt de handel zijn onmogelijk. Er toen voeren zo’n vijftien tot zeventien aken vanuit Friesland, die gezamenlijk ruim anderhalf miljoen pond paling per jaar naar Londen overgebracht. Omdat de Friese wateren deze enorme hoeveelheid niet meer kunnen leveren, voeren de schippers ook naar de Oostzee (Denemarken en Zweden) om daar te kopen. Dit waren zware reizen van vaak zes weken, waarbij de bemanning – vaak slechts drie man sterk – enorme ontberingen doorstaan moest.
Het Einde van een Tijdperk #
In de 20e eeuw kwam de klad in de handel. De waterkwaliteit van de Theems is verslechterd door de industriële revolutie, waardoor de verbleking in de bunnen is geëindigd voordat ze verkocht konden worden. bovendien de opkomst van stoomschepen en strengere visserijwetten voor een waardevolle concurrentiepositie voor de houten zeilschepen.
De beroemde Aak Korneliske Ykes (gebouwd in 1872) kreeg in 1928 nog een motor om de concurrentie bij te benen, maar het tij was niet te keren. In 1938 werd de laatste aak, de Maria , voor de sloep verkocht. Rond 1950 verdween de laatste originele palingaak van het water.

De Reconstructie: De Korneliske Ykes II #
De geschiedenis is vandaag de dag weer tastbaar dankzij de bouw van de Korneliske Ykes II . In 2009 werd deze waarheidsgetrouwe reconstructie in de vaart tot stand gebracht. Hiermee houdt de Stichting de Palingaak de herinnering levend door opnieuw handelsreizen naar Londen en de Oostzee te maken, precies zoals de voorouders dat eeuwenlang deden. Wilt u meer lezen en weten over de palingaak dat kunt u HIER vinden.









De fotograven en de eigenaars van deze foto’s zijn bij ons onbekent, bent u einaar van één van deze foto’s neem dan contact met ons op. Heeft u ook nog fotos en wil die graag met ons delen ons e-mail adres is redactie@dagvandepaling.nl
